Museum Nairac - Collectie - Uitgelicht (Volledige versie)

Uitgelicht

Regelmatig belicht onze archeoloog Elly van der Velde een bijzonder voorwerp uit de collectie archeologie van Museum Nairac.
Mocht u vragen hebben over het besproken voorwerp dan kunt u via e-mail terecht bij Elly van der Velde: evandervelde@nairac.nl.

Mei 2016

Rembrandt onder de klokbekers

Foto: Geurt Besslink

In januari 1952 is deze uitzonderlijk mooi versierde klokbeker gevonden in een grafheuvel in Voorthuizen. De grond waarop de duizenden jaren oude grafheuvel lag, behoorde toen tot het erf van een boerderij aan de Hunneweg. De boer had plannen met dit deel van zijn erf en begon met zijn zoons de grafheuvel voorzichtig af te graven. Er was nog geen archeologische monumentenzorg, dus dit was nog niet verboden. Aangezien een zoon op een andere plek weleens iets gevonden had, werd er bij elk hard voorwerp gestopt om het te bekijken. En ja hoor, men stuitte op een beker van aardewerk van ongeveer 25 cm hoog. De beker was enigszins beschadigd, maar aan de buitenkant heel mooi versierd. De heer J.D. van der Waals, conservator van ‘Veluws Museum Nairac’ werd erbij gehaald, en stelde vast dat het om een klokbeker ging uit de Nieuwe Steentijd.  Hij kreeg de mogelijkheid om als assistent van Professor A.E. van Giffen van het Biologisch-Archeologisch Instituut in Groningen de rest van de grafheuvel op te graven. Hoewel de botresten vergaan waren, was aan een grondverkleuring nog te zien waar de dode gelegen had.

Lees meer

Januari 2015

Mammoetgebit

Hoewel we uit enkele teruggevonden vuurstenen werktuigen weten dat er in de minder koude perioden tussen 130.000 en 35.000 jaar geleden neanderthalers op de Veluwe hebben rondgelopen, zijn deze vondsten zeer schaars. Vaker voorkomend zijn de vondsten van botten van dieren, die tegelijk met de neanderthaler geleefd hebben, zoals de wolharige mammoet (Mammuthus primigenius). Ook deze vondsten spreken tot de verbeelding. Op plekken waar wordt gebaggerd of diep wordt gegraven komen deze fossielen van mammoeten aan de oppervlakte. Veel mammoetbotten worden opgevist uit de Noordzee (die tijdens de IJstijden droog stond), maar op de Veluwe kennen we ook vondsten, namelijk uit zandgroeves. In de Veluwse collectie van museum Nairac bevinden zich botten en gebitsresten van mammoeten. Enkele hiervan kunnen niet alleen in de expositie worden bekéken, ze mogen ook worden aangeraakt.

Top van slagtand van mammoet Museum NairacFragmenten slagtand mammoet Museum Nairac
Foto: Geurt BesselingFoto: Geurt Besseling


Hier ziet u de top van een slagtand van een mammoet. Deze ligt in een vitrine van museum Nairac. Wij hebben drie fragmenten van de tand, die oorspronkelijk natuurlijk veel langer en gekromd geweest is. De vondst is afkomstig van De Goudsberg. een heuvel ten noordoosten van Lunteren. De Goudsberg behoort tot de noordelijkste punt van de Veluwse stuwwal. In de 19e eeuw ontstond hier een grote groeve door zand- en grindwinning, onder andere voor het onderhoud van wegen. 

Lees meer....

 

December 2014

Een muntschat uit Barneveld

 
Jacobakannetje met muntschat 

Foto: Geurt Besselink 

 Het is echt goud wat er blinkt in een spannend donker hoekje van de archeologie-afdeling van Museum Nairac. In de sfeervol verlichte vitrine glinsteren gouden en zilveren munten, liggend bij het kruikje van aardewerk, een zogenaamd Jacobakannetje, waarin ze gevonden zijn. Het is een deel van de muntschat, die in 1958 in Barneveld ontdekt is. Ook de vinder en de eigenaar van de grond hebben een deel van de schat gekregen. 

Wat weten we van deze Middeleeuwse muntschat? 

 

De munten zijn op 4 maart 1958 door W. Mulder  uit Ermelo gevonden bij ontginningswerkzaamheden aan de Schoonhorsterweg langs de Brielaardse beek (ook wel Modderbeek genoemd) in Barneveld. De vindplaats bevindt zich op nog geen 500 meter van de plek waar vroeger het kasteel Den Brielaerd heeft gestaan. De schat lag op een diepte van 20 tot 25 centimeter.  De munten waren in een linnen lapje gewikkeld, zo staat vermeld in een oud Museumjournaal, en zaten in een (gebroken) Jacobakannetje. Het kannetje is waarschijnlijk gebroken bij het ploegen of bij spitwerk enige jaren eerder. De meeste scherven waren aanwezig, alleen het oor ontbrakWellicht miste het oor al bij het begraven in de grond; men zal bij voorkeur geen gaaf kannetje uit de keuken gebruikt hebben. Het lapje kan ook als stop hebben gediend bovenin het kannetje. 


lees meer....

November 2014 

Ijzeren zaagje uit Kootwijk.


Ijzeren zaagje Museum Nairac
Foto: Geurt Besselink

Voorwerpen van ijzer blijven niet erg lang bewaard in de bodem, doordat ijzer snel roest. Dit ijzeren zaagje uit de Middeleeuwen heeft echter de processen in de bodem doorstaan. Deze bijzondere vondst uit het Kootwijkerzand dateert uit de periode 800 tot 1000 na Christus.  Tijdens opgravingen van het Instituut voor Pre- en Protohistorie (IPP) uit Amsterdam in 1971/72 zijn meerdere van dit soort zaagjes gevonden, waarvan er twee in Museum Nairac te bekijken zijn. De zaagjes zijn dubbelzijdig getand en waren dus aan twee zijden te gebruiken. Waarschijnlijk is zo’n zaagje een onderdeel van een spanzaag geweest. De houten onderdelen zijn echter vergaan in de bodem. Ons museum heeft de zaagjes in langdurige bruikleen van het Provinciaal Depot voor Bodemvondsten van Gelderland in Nijmegen. Ook het Rijksmuseum van Oudheden in Leiden toont in de vaste opstelling een van de zaagjes uit het Kootwijkerzand.

lees meer ....

 


Oktober 2014

Bronzen zwaardje van Bergsham

Dit bronzen zwaardje met een lengte van 33 centimeter is een van de topstukken van Museum Nairac. Het dateert uit het midden van de Bronstijd, ongeveer 1600 jaar voor Christus. Het is een zwaard van het type Wohlde, een van de eerste zwaarden van Noordwest-Europa. In ons land zijn slechts enkele exemplaren bekend. Dit exemplaar is afkomstig uit een grafheuvel op de Bergsham bij Garderen.

Hoe is het zwaard gevonden?

Archeoloog van Giffen onderzocht in 1935 drie grafheuvels op de Bergsham, waarbij het zwaardje gevonden werd. De grafheuvels stammen uit de Bronstijd, de periode van 2000 tot 800 jaar voor Christus. Een van de grafheuvels bleek uit twee heuvels te bestaan; één hiervan was heel bijzonder. In het oudste graf helemaal onderin bevond zich een kistje met de crematieresten van een vrouw met kind. Bodemsporen eromheen lieten zien, dat boven het graf een dodenhuisje had gestaan op acht stevige palen. Zo’n eerste en bijzonder graf wijst meestal op een bijzonder persoon. Ongeveer honderd jaar later is er weer een speciale begrafenis geweest. Twee doden werden verbrand en begraven, precies boven het oudste graf. Deze plek moet een bewuste keuze zijn geweest, de resten van het dodenhuisje waren waarschijnlijk nog zichtbaar. Op de crematieresten van een van de doden, wellicht een krijger, legde men een bronzen zwaard. Later werden in de heuvel nog vele andere doden bijgezet. In deze graven zijn een tweetal bronzen ringetjes en een potje met oor gevonden.

lees meer.... 

Foto: Geurt Besselink



terug | afdrukken | Volledige versie | sitemap